
Beeld: UNStudio
Eind 1999 is UNStudio door de gemeente Arnhem gevraagd het definitief ontwerp voor de terminal uit te werken. In 2002 is in samenwerking met ProRail en NS een revisie uitgevoerd.
De OV-terminal zal aansluiten op het al gebouwde busstation aan de oostkant en komt bovenop de eveneens gerealiseerde parkeergarage. De hoger gelegen verdiepingen sluiten aan op de Rijn- en Parktoren en Place de la Gare, waar verzekeringsmaatschappij UVIT sinds september 2009 in gehuisvest is. Daarnaast zal in de toekomst de tot nu toe naamloze toren “K3” op de OV-terminal gebouwd worden in opdracht van NS Poort. Ook zal de inmiddels deels aangelegde Nieuwe Stationsstraat doorgetrokken worden over het dak van de OV-terminal richting Arnhem Centraal Oost en het centrum van de stad.
De terminal is de spil tussen de vervoerstromen die treinstation, busstation, parkeergarage, taxistandplaats en fietsenstalling met elkaar verbindt. Voor veel bezoekers van Arnhem is het station het begin van de stad.
Het grondgebied van Arnhem Centraal beslaat ongeveer 40.000 m2. Op dit oppervlak wordt 160.000 m2 gebruiksoppervlak gerealiseerd. Dat betekent bijvoorbeeld dat de parkeergarage, het busstation en kantoorgebouw Place de la Gare bovenop elkaar gebouwd zijn.
Het ontwerp van de OV-terminal wordt gekenmerkt door de toepassing van grote transparante puien en daklichten waarmee een lichte en aangename ruimtelijke beleving wordt nagestreefd. Het toepassen van grote glasvlakken kan echter complicaties met zich meebrengen voor de beheersing van het klimaat in het gebouw. Daarom is veel onderzoek gedaan naar zon- en lichttoetreding. Hierbij is gekeken naar de warmteontwikkeling in het gebouw en mogelijke verblinding van gebruikers.
Naar aanleiding van deze onderzoeken is gekozen voor zonwerend glas om het klimaat in de terminal beheersbaar te maken.
Voor meer informatie over architectenbureau UNStudio verwijzen wij u graag naar de website van dit bureau: www.unstudio.com.
Uitgangspunt in het ontwerp van de OV-terminal is een open, hoge en lichte ruimte met zo min mogelijk obstakels. Gebruikers kunnen zich in één oogopslag oriënteren en hun bestemming kiezen. Service, zoals kaartverkoop en bagagekluisjes, en winkels bevinden zich zoveel mogelijk aan de randen van de loopruimtes. Door gebruik te maken van verschillende materialen worden de hoofdroutes voor visueel gehandicapten duidelijk waarneembaar.
Door het glooiende landschap kunnen mindervalide reizigers eenvoudig de aanwezige hoogteverschillen overbruggen. Er zijn daarbij voldoende horizontale vlakken om uit te kunnen rusten. Alle locaties zijn ook per lift of via trappen bereikbaar.
.jpg)
beeld: UNStudio
De hoofdtoegangen hebben grote tourniquets die uitstekend met rolstoelen en kinderwagens te betreden zijn. Bij alle uitgangen worden ook automatische deuren met drukknopbediening geplaatst.
Uniek in het ontwerp van de terminal is dat in een vroeg stadium afstemming tussen architectuur en bewegwijzering heeft plaatsgevonden. De doelstelling was een ruimtelijke organisatie te ontwikkelen die zoveel mogelijk voor zichzelf spreekt en de fysieke verwijsborden tot het hoogst noodzakelijke beperkt. Door de vrije zichtlijnen kan voor een groot deel de bewegwijzering volstaan met op afstand herkenbare en leesbare aanduidingen.